Begrippen

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z


A

ABIV afkorting voor: Amsterdamse Beroepen Interesse Vragenlijst, een interessetest die bedoeld is voor leerlingen van HAVO en VWO

AOC afkorting voor: Agrarisch Opleidings Centrum, een onderwijsinstelling waarin allerlei agrarische opleidingen worden gegeven op MBO-niveau

aanmeldingsprocedure de regels die gelden bij het aanmelden voor een bepaalde studierichting

afstudeeropdracht ook wel scriptie genoemd; werkstuk waarin je je kennis en vaardigheden laat zien op het gebied van theorie en praktijk in een onderzoek dat je alleen of samen met een ander opzet en uitwerkt; daarna moet je de afstudeeropdracht presenteren en verdedigen voor een commissie

agrarisch sector in het VMBO en MBO, waarbij de nadruk ligt op agrarische vakken

algemeen voortgezet onderwijs bedoeld wordt: VMBO, HAVO en VWO; zie ook: beroepsonderwijs en hoger onderwijs

allergie allergie betekent, dat je lichaam erg gevoelig is voor bepaalde stoffen, bijvoorbeeld oliëen vetten of chemicalien maar het kan ook zonlicht zijn; hierdoor kun je huiduitslag of eczeem krijgen of hooikoorts, waardoor je overdreven veel moet niezen

ambitie eerzucht om in je studie, werk en maatschappij iets te bereiken

arbeidscontract schriftelijk vastgelegde overeenkomst met een werkgever over de duur van de werkperiode

artistiek type persoonstype met veel belangstelling voor creatieve hobby's en gebruik van fantasie; vergelijk met doetype, sociaal type, ordelijk type, denktype en ondernemend type

Assistentenopleiding
opleidingsniveau binnen het MBO; zie ook: basisberoepsopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding

Associate degree: een kort programma van 2 jaar binnen het HBO. Het is een internationaal gangbare titel, die je als afgestudeerde mag gebruiken.


B

Bacheloropleiding een vierjarige HBO opleiding wordt bacheloropleiding genoemd afgesloten met een bachelortitel. De bacheloropleidingen binnen het wetenschappelijk onderwijs duren drie jaar

BBL afkorting voor: beroepsbegeleidende leerweg

BOL afkorting voor: beroepsopleidende leerweg

BZO afkorting voor: Beroepskeuze Zelf Onderzoek, een interessetest waarin je via een code van drie letters je belangstelling zelf kunt onderzoeken

basisberoepsgerichte leerweg leerweg binnen het VMBO

basisberoepsopleiding opleidingsniveau binnen het MBO; zie ook: assistentenopleiding, vakopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding

basisvorming omvat in ieder geval de eerste twee jaren van het voortgezet onderwijs

bedrijfsanalyse gegevens waaruit men kan aflezen of de verschillende onderdelen van een bedrijf goed lopen, zoals de productie, het gebruik van grondstoffen of de inzet van personeel; hierdoor weet het managementteam waar ze op moet letten

behulpzaam je bent behulpzaam als je op eigen initiatief of op verzoek van een ander iemand helpt; het is een eigenschap die je in het algemeen kunt gebruiken in de omgang met anderen, maar in het bijzonder bij sociale en medische beroepen

belangstelling als je iets leuk vindt zeg je dat je er belangstelling of interesse voor hebt; zie ook: grondhouding

belemmeringen als gevolg hiervan kunnen eigenschappen en vaardigheden niet goed uit de verf komen; verschillende oorzaken zijn mogelijk, bijvoorbeeld allergie, hoogtevrees of faalangst

beroepenmarkt gezamenlijke voorlichtingsbijeenkomst van verschillende scholen; zie ook: studiebeurs

beroepensector een groep beroepen die in grote lijn bij elkaar horen, bijvorbeeld timmerman, loodgieter en automonteur horen bij de beroepensector techniek; de sectorindeling van de Koerswijzer is zo gemaakt dat jij meer overzicht krijgt over het totale beroepenveld

beroepsbeeld het idee dat bestaat over wat een beroepsbeoefenaar precies doet

beroepsbegeleidende leerweg de BBL, route binnen MBO, ook 'werkend leren' genoemd; je werkt vier dagen per week in een bedrijf en je gaat een dag per week naar school

beroepsbeoefenaar iemand die een bepaald beroep uitoefent; op jouw school is dat bijvoorbeeld de leraar en de directeur, maar ook de interieurverzorgster, de conciërge en het personeel op de administratie

beroepsgericht vak vak dat gericht is op een bepaald beroep

beroepsgericht programma programma dat je binnen het VMBO kunt volgen binnen een van de vier sectoren; in een beroepsgericht programma maak je kennis met de praktische kanten van een bepaalde beroepsrichting

beroepskeuze-adviseur persoon die gespecialiseerd is op het gebied van beroepskeuze en daarover adviezen geeft

beroepskeuzetest test, bedoeld om inzicht te krijgen voor welk beroep en voor welke opleiding je geschikt bent

beroepsmogelijkheden de mogelijkheden die je hebt na het volgen van een opleiding

beroepsonderwijs bedoeld wordt het MBO (middelbaar beroepsonderwijs) en het HBO (hoger beroepsonderwijs); zie ook: algemeen voortgezet onderwijs en hoger onderwijs

beroepsopleidende leerweg de BOL, route binnen MBO waarbij je vijf dagen naar school gaat; het leren van het beroep in de praktijk vindt plaats in de vorm van een of meer stages

beroepsperspectief het vooruitzicht dat je hebt op een bepaald beroep na afronding van je studie

beroepsrichting richting die je in wilt bij het kiezen van een beroep, zonder dat je precies weet welk beroep

besluitvaardig je bent besluitvaardig wanneer je vlot besluiten kunt nemen bij lastige beslissingen, je zet de voors en tegens bij elkaar maar je gaat niet dagenlang lopen wikken en wegen; dit is een eigenschap die bij veel beroepen van belang is, maar vooral bij beroepen waarin je veel verantwoordelijkheid hebt en je leiding gaat geven

betekenisgerichte leerstijl leerstijl waarin je verbanden zoekt tussen wat je al weet en nieuwe informatie; je doet in het algemeen meer dan de leraar je opdraagt, omdat je de dingen nog beter wilt begrijpen

bewegelijk je bent bewegelijk als je het moeilijk vindt om lang stil te zitten; je bent een actief type dat graag ergens mee bezig is; dat komt goed van pas bij allerlei praktische en handvaardige beroepen, vooral in de beroepensectoren uniform, horeca, sport en agrarisch; zie ook hyperactiviteit

bovenbouw de hoogste klassen van VMBO (3 en 4), HAVO (4 en 5) en VWO (4, 5 en 6)


C

CBAP afkorting voor: Centraal Bureau Aanmelding en Plaatsing

C&M afkorting voor: Cultuur & Maatschappij; C&M is een profiel in de tweede fase dat gericht is op vervolgopleidingen in de sectoren sociaal, onderwijs, kunst en cultuur; Profiel met verplichte vakken voor HAVO: Duits of Frans en geschiedenis Voor VWO zijn de verplichte vakken: geschiedenis en wiskunde C (of A of B)

capaciteit als iemand ergens goed in is, noem je dat capaciteit; iemand kan bijvoorbeeld heel goed schaatsen en door veel trainen gaat het steeds beter; zie ook: talent

cara cara is een ziekte aan de luchtwegen die niet overgaat, bijvoorbeeld astma en bronchitus; wanneer je cara hebt, heb je last van kortademigheid en benauwdheid, bijvoorbeeld bij astma

college 1 naam voor een school met meer richtingen, bijvoorbeeld VMBO, HAVO en VWO
2 les aan een universiteit of hogeschool

collegegeld verplichte financiële bijdrage om te kunnen studeren aan het hoger onderwijs

Combinatievak Een combinatievak is een vak dat uit meerdere vakken is samengesteld. De onderdelen van het combinatieval tellen in het jaar dat ze worden gegeven gewoon mee voor de overgang. Pas in het laatste jaar komt de ongewogen middeling van de vakken onder de noemer combinatievak op je cijferlijst. Je hebt daardoor de mogelijkheid een minder goed vak uit de combinatie te compenseren.

commerciële dienstverlening dienstverlenende organisaties zoals banken, accountantskantoren en uitzendbureaus; zie ook: profit-sector

communicatie het 'zenden' van een boodschap naar een 'ontvanger'; zie ook: communiceren

communiceren zie ook: communicatie; lezen, luisteren, schrijven en spreken zijn allemaal middelen om met anderen te communiceren

concentratie de kwaliteiten die je hebt om ergens intensief mee bezig te zijn, zonder je te laten afleiden

concentratievermogen je kunt goed je aandacht bij een bepaalde activiteit of ding houden, je laat je niet afleiden; zie ook: concentratie

concentreren je kunt je goed concentreren wanneer je je aandacht bij je werk kunt houden, ook als er veel afleiding is of wanneer je andere dingen aan je hoofd hebt; zie ook: concentratie

contactuur uur waarin les wordt gegeven; zie ook: lesuur

creatief je bent creatief wanneer je op een hele aparte en originele manier iets kunt vormgeven, zeggen of doen

cultuur & maatschappij zie C&M


D

decaan deskundige op school die studenten adviseert over studiezaken

deeltijd hiermee wordt een gedeelte van een werkweek bedoeld; zie ook voltijd

Deeltijd studie sommige studies op HBO en WO niveau kun je in deeltijd volgen. Je werkt dan ook nog naast je studie. De opleiding wordt daardoor over langere tijd uitgesmeerd. Ongeveer 1,5 maal de lengte van de voltijdopleiding. Je werkervaring kan, als die relevant is voor je studie, soms studiepunten opleveren, zodat de studieduur weer korter wordt.

deelvak het resultaat van opdeling van sommige vakken

denktype persoonstype dat veel doordenkt en achtergronden wil kennen van verschijnselen; vergelijk met doetype, sociaal type, ordelijk type, ondernemend type en artistiek type

differentiatie mogelijkheid om binnen een studie te kiezen voor een bepaalde richting

directe vragen vragen waarop de vragensteller bepaalt in welke richting het antwoord zal gaan, bijvoorbeeld: 'Welke opleidingen heb jij gevolgd?'; zie ook: indirecte vragen

doetype persoonstype dat graag actief bezig is en moeilijk kan stilzitten; vergelijk met sociaal type, ordelijk type, ondernemend type, denktype en artistiek type

doorstromen mogelijkheid om te kiezen voor een onderwijsrichting die aansluit op de studie die op dat moment gevolgd wordt

doorstroommogelijkheid mogelijkheid om door te stromen op grond van doorstroomrechten

doorzetter je bent een doorzetter wanneer je vol blijft houden om een bepaald doel te bereiken, ondanks tegenwerking of teleurstelling; zie ook doorzettingsvermogen

doorzettingsvermogen je hebt de kracht om vol te houden, ook wanneer het tegen zit, je geeft niet snel op; zie ook doorzetter

Duaal onderwijs een combinatie van werken en studeren in een praktijksituatie, die relevant is voor de studie. Deze leer-/werkperiode kan op verschillende manieren worden ingericht. In het algemeen wordt je opleiding met een jaar werken in de praktijk verlengd.

dyslectisch wanneer je dyslectisch bent, kun je wel de letters lezen maar begrijp je de betekenis van het woord niet, je leest andere woorden dan er staan; bij het schrijven verwissel je de letters; iemand die dyslectisch is, heeft moeite met lezen en schrijven; woordblind is hetzelfde als dyslectisch


E

EHBO afkorting voor: eerste hulp bij ongelukken

E&M afkorting voor: economie & maatschappij; E&M is een profiel in de tweede fase dat gericht is op vervolgopleidingen met het accent op de economische vakken. Profiel met verplichte vakken voor HAVO en VWO wiskunde A (of B), economie en geschiedenis

EUR afkorting voor: Erasmus Universiteit Rotterdam

economie sector in het VMBO en MBO waarbij de nadruk ligt op economische vakken beroepen; belangrijke vakken in het MBO zijn: economie, talen en informatiekunde

economie & maatschappij zie E&M

eczeem huidslag die erg jeukt

eigenschap min of meer blijvende zaak, die iets zegt over persoonlijkheid, karakter of type, bijvoorbeeld een brutaal type, een koppig karakter; ze zijn in aanleg bij iemand aanwezig; zie ook: kenmerk

exacte vakken vakken waarbij je veel met cijfers en formules werkt, zoals wiskunde, natuurkunde, scheikunde en biologie


F

faalangst spanning die kan optreden bij het leveren van een prestatie; men onderscheidt negatieve faalangst en positieve faalangst

facilitaire dienst de afdeling in een bedrijf of organisatie die het werk van alle andere mensen die er werken ondersteunt; denk aan een grote school, een bedrijf, een ziekenhuis of een gemeentekantoor; het betreft bijvoorbeeld de schoonmaak van de werkruimtes, de postkamer, de bewaking en de beveiliging, het verzorgen van eten en drinken of het onderhoud aan het gebouw

fantasie je hebt veel fantasie wanneer je een groot voorstellingsvermogen hebt; je kunt je allerlei dingen goed in je hoofd voorstellen, ook als het niets met de werkelijkheid te maken heeft

flexibele werktijden werktijden die niet op dezelfde dagen en uren zijn vastgelegd


G

gebrek aan concentratievermogen je laat jezelf snel afleiden, je verliest de aandacht, je wordt slordig en je geeft snel op

gebrek aan doorzettingsvermogen je geeft snel op, je maakt dingen niet af, je probeert onvoldoende uit of je iets kunt

gebrek aan incasseringsvermogen wanneer je te weinig incasseringsvermogen hebt, laat je je snel uit het veld slaan, krijg je ruzie of geef je op

gebrek aan inzet inzet betekent dat je ergens energie in steekt; gebrek aan inzet wil zeggen dat je weinig motivatie voor iets kunt opbrengen; wanneer dat vaak voorkomt, zou je jezelf ook wel lui kunnen noemen

gebrek aan vermogen te kiezen je durft geen keuzes te maken en blijft alsmaar twijfelen; beslissingen stel je voortdurend uit

gebrek aan vermogen te plannen je kunt niet goed bedenken hoe je iets aan zou kunnen pakken; je komt bijvoorbeeld vaak te laat of je krijgt je werk niet af

gebrek aan voor jezelf opkomen je durft je niet goed te verdedigen, bijvoorbeeld als iemand voordringt of je beledigt, je maakt daar dan geen bezwaar tegen

gebrek aan zelfkritiek wanneer je gebrek aan zelfkritiek hebt, betekent het dat je zo tevreden bent over jezelf, dat je niet inziet welke je minder goede kanten zijn

geduldig je bent geduldig wanneer je kalm blijft als het niet snel genoeg naar je zin gaat; je gaat door tot de taak af is en tot je tevreden bent over het resultaat

gemeenschappelijk deel deel van een profiel dat voor iedereen verplicht is; zie ook profieldeel en vrije deel

gemengde leerweg een leerweg binnen het VMBO met naast theoretische vakken een beroepsgericht programma; zie ook: theoretische leerweg, basisberoepsgerichte leerweg en kaderberoepsgerichte leerweg

geschikt als de opleiding die je kiest bij je belangstelling, je capaciteiten en je studiehouding past, kun je zeggen dat je er geschikt voor bent

gespannenheid wanneer je gespannen bent, ben je zenuwachtig en prikkelbaar, bijvoorbeeld als je examen moet doen of een spreekbeurt gaat houden

gezellig je bent gezellig wanneer anderen het fijn vinden in jouw aanwezigheid te zijn; dat zijn ze graag omdat je makkelijk praat, leuke dingen voorstelt of grapjes maakt; gezelligheid is een eigenschap die vooral voor je latere collega's in je beroep van belang is

goed geheugen je hebt een goed geheugen wanneer je zaken goed weet te herinneren; dat kunnen feiten, gezichten of getallen zijn, maar ook gebeurtenissen al dan niet lang geleden

goed luisteren je kunt goed luisteren wanneer je in een gesprek snel informatie opneemt en snapt wat er wordt bedoeld

goede ogen je hebt goede ogen wanneer je zonder bril of contactlenzen, dichtbij en veraf, goed kunt zien; een bril of contactlenzen kunnen je ogen wel corrigeren natuurlijk, maar voor sommige beroepen mag je geen al te sterke glazen of correcties hebben

grondhouding de kern van je belangstelling en de dingen die je belangrijk vindt; een grondhouding geeft jouw een belangrijke aanwijzing voor je studie- en beroepskeuze


H

HAO afkorting voor: Hoger Agrarisch Onderwijs

HAVO afkorting voor: Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs

HBO afkorting voor: Hoger Beroepsonderwijs

HEO afkorting voor: Hoger Economisch Onderwijs

HGO afkorting voor: Hoger Gezondheidszorg Onderwijs

HKO afkorting voor: Hoger Kunst Onderwijs

HPO afkorting voor: Hoger Pedagogisch Onderwijs

HSAO afkorting voor: Hoger Sociaal-Agogisch Onderwijs

HTO afkorting voor: Hoger Technisch Onderwijs

handig je bent handig wanneer je makkelijk met je handen kunt werken en goed overweg kunt met gereedschap of materialen

herkansingsmogelijkheid mogelijkheid om een examen opnieuw te maken

hoger onderwijs bedoeld wordt: HBO (hoger beroepsonderwijs), WO (wetenschappelijk onderwijs) en OU (open universiteit); zie ook: algemeen voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs

hogeschool school waar je hoger beroepsonderwijs kunt volgen

hoofdfase fase in het HBO die volgt op de propedeuse

hoofdvragen vragen die je thuis hebt voorbereid om ze tijdens een interview te stellen; zie ook: vervolgvragen

hoogtevrees wanneer je hoogtevrees hebt, krijg je een duizelig gevoel wanneer je heel hoog boven de grond bent en niet wordt beschermd door bijvoorbeeld een hoog hek

hoorcollege onderwijsvorm waarbij je met een zeer grote groep medestudenten naar een verhaal van een docent luistert; vergelijk met: werkcollege

hyperactiviteit wanneer je hyperactief bent, ben je onrustig en kun je niet lang stilzitten, dat zit nu eenmaal in je aard; zie ook bewegelijk


I

incasseringsvermogen je kunt goed tegen de kritiek van anderen, je kunt goed teleurstellingen verwerken en tegenslagen opvangen

indirecte vragen vragen waarbij de geïnterviewde bepaalt in welke richting het antwoord zal gaan, bijvoorbeeld: 'vertelt u eens iets over uw loopbaan'; zie ook: directe vragen

informatie de gegevens die je verzamelt voor je een studie- en beroepskeuze maakt, zoals welke opleidingen er zijn, welke eisen er worden gesteld en wat een bepaalde beroepsbeoefenaar precies doet; zie ook: koppelen

informatiecentrum afdeling op een school waar je informatie kunt krijgen over allerlei onderwerpen; sommige informatiecentra werken volgens dezelfde sectorindeling als de Koerswijzer

informeren fase bij het kiezen van opleiding of beroep; je gaat gericht aan de slag om antwoorden te krijgen op je vragen, je gaat open dagen bezoeken, folders lezen en mensen interviewen; aan informeren gaat oriënteren vooraf, informeren wordt gevolgd door reflecteren

ingenieur iemand die is afgestudeerd in het Hoger Technisch Onderwijs of het Hoger Agrarisch Onderwijs

initiatiefrijk je bent initiatiefrijk wanneer je als eerste een bepaalde stap zet of een bepaald voorstel doet; je wacht niet af tot anderen iets voorstellen of iets gaan doen

instroomwijzer overzicht met studierichtingen en aanmeldingsprocedure; wordt door de decaan verstrekt

interesse mate waarin je ergens belangstelling voor hebt

interesse-opdracht opdracht bedoeld om te onderzoeken in welke mate jij je verwant voelt met een bepaalde beroepsrichting; zie ook grondhouding

interessetest test bedoeld om te meten waar je interesse ligt; voorbeelden zijn de ABIV-interessetest en de BZO-interessetest

interview een vraaggesprek dat je met iemand hebt, met de bedoeling informatie te krijgen

invloeden alle mensen en dingen die een rol spelen in de keuzes die je maakt, zoals ouders, klasgenoten, vrienden en vriendinnen, je leraren; maar ook bijvoorbeeld reclame op de televisie


K

kaderberoepsgerichte leerweg een van de vier leerwegen binnen het VMBO

kenmerk zeggen iets over iemands uiterlijk of gezondheid, bijvoorbeeld klein of lang; zie ook: eigenschap

keuzevakken VMBO vakken die vallen binnen een profiel; het aanbod wordt bepaald door jouw school

keuzepaspoort resultaten van je koersoverzichten, waarin je aangeeft welke profielkeuze je gaat maken en waarom

keuzeprobleem probleem dat je kunt ondervinden bij een keuze, bijvoorbeeld van een profiel, sector of leerweg

keuzeproces een aantal fases die je doorloopt bij het kiezen en die vervolgens tot een beslissing leiden, zoals oriënteren, informeren en reflecteren

keuzestijl manier van kiezen die bij iemand persoonlijk past

keuzevak vak dat je, buiten de verplichte vakken om, zelf mag kiezen

kleurenblindheid wanneer je kleurenblind bent, kun je sommige kleuren niet goed van elkaar onderscheiden

knoop doorhakken een besluit nemen over de opleiding die je wilt gaan volgen; zie ook: oriënteren, verkennen en verdiepen

koersoverzicht resultaten van je opdrachten, zelf in te vullen aan het eind van elk deel in Koersdossier van de KOERSWIJZER

Koersdossier digitaal onderdeel van de Koerswijzer, waarin je alle belangrijke gegevens noteert, die voor je keuze van belang zijn.

koppelen kijken of wat je kiest, klopt met de kennis die je van jezelf hebt; dat doe je door de informatie die je hebt verzameld over studie- en beroepskeuze en over jezelf met elkaar te vergelijken

kwaliteitsafdeling afdeling van een bedrijf, die als taak heeft om de hele organisatie en productie goed te laten verlopen; valt onder managementondersteuning

kwaliteiten eigenschappen en kenmerken die bij je horen, bijvoorbeeld rustig of een doorzetter zijn


L

LOB afkorting voor: loopbaanoriëntatiebegeleiding op school

landbouw (groen) sector in het VMBO en MBO, waarbij de nadruk ligt op agrarische beroepen; belangrijke vakken in het MBO zijn: biologie wiskunde en natuurkunde/scheikunde

lang je wordt lang genoemd als je langer bent dan de doorsnee jongen of meisje van jouw leeftijd; lengte kan een voordeel zijn, men kan niet om je heen en je valt op; voor sommige beroepen is dat erg handig, voor andere beroepen juist onhandig, denk maar aan beroepen waarin je een kleine ruimte moet bewegen

leergierig je bent leergierig wanneer je graag nieuwe informatie of kennis opdoet; dat kan voor vakken op school zijn, voor hobby's of andere vrijetijdsbestedingen

leerstijl de manier waarop iemand gewoonlijk leert; kan verschillen per vak of groep van vakken; er zijn vier leerstijlen: betekenisgerichte leerstijl, reproductiegerichte leerstijl, toepassingsgerichte leerstijl, ongerichte leerstijl

leerweg 1 opleiding waarvoor je kiest na de basisvorming

lesuur uur waarin les wordt gegeven; zie ook: contactuur

levensloopbaan alle verschillende rollen die je in je leven inneemt, zoals je schoolkeuze, je beroep, je hobby's, je contact met vrienden, trouwen of samenwonen, enzovoort

logboek met behulp van een logboek maak je een planning voor de invulling van jouw loopbaanoriëntatie

loopbaan de weg die je in het leven volgt, waarop je keuzes moet maken en jezelf voortdurend vragen moet stellen

loopbaandossier hierin leg je de belangrijkste conclusies vast van je loopbaanoriëntatie; het dossier is een hulpmiddel bij de gesprekken met je decaan of mentor

loopbaanontwikkeling je ontwikkeling op weg naar de toekomst; je gaat steeds beter ontdekken wat je leuk vindt en waar je goed in bent; zie ook loopbaan

loopbaanoriëntatie oriëntatie op het gebied van studie- en beroepskeuze

loopbaanoriënatiebegeleiding meestal afgekort tot LOB; begeleiding bij loopbaanoriëntatie, meestal gegeven door een decaan of mentor


M

MAVO afkorting voor: Middelbaar Algemeen Voortgezet Onderwijs

Masteropleiding masteropleidingen binnen het wetenschappelijk onderwijs zijn vervolg opleidingen na bacheloropleidingen (WO en HBO) en duren meestal een of twee jaar

MBO afkorting voor: Middelbaar Beroeps Onderwijs; het MBO kent een beroepsopleidende leerweg (BOL) in het dagonderwijs en een beroepsbegeleidende leerweg (BBL) ofwel werkend leren

MKB-route route in het midden- en kleinbedrijf; een variant van de combinatie studeren en werken in het HBO; het laatste jaar van de opleiding wordt afgemaakt in de vorm van een gecombineerde leer- en arbeidssituatie

MTO afkorting voor: Middelbaar Technisch Onderwijs

maatschappijprofiel profiel dat een combinatie is van de profielen C&M en E&M

managementondersteuning afdelingen of diensten binnen een bedrijf, die taken uitvoeren om de directie te helpen bij het beleid; men onderscheid bijvoorbeeld: personeelszaken, secretariaat, facilitaire dienst en kwaliteit

managementteam team, dat bestaat uit de directeur en de managers van een bedrijf

marktwaarde met jouw ambities, kwaliteiten en opleiding bezit je voor een organisatie een bepaalde marktwaarde; die waarde wordt mede bepaald door de verhouding tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt

masterclass een manier om leerlingen te laten kennismaken met enkele typerende, praktische onderdelen van een studie

meeloopdag een dag die verschillende middelbare scholen organiseren in samenwerking met universiteiten of hogescholen; volgens een speciaal programma maak je kennis met theorie en praktijk

mentor in het algemeen voortgezet onderwijs een speciaal aangewezen persoon die leerlingen begeleidt bij loopbaanoriënatie

metalelektro intrasectoraal programma dat bestaat uit een combinatie van de afdelingen metaal en electro

middenkaderopleiding opleidingsniveau binnen het VMBO; zie ook: assistentenopleiding, basisberoepsopleiding, vakopleiding en specialistenopleiding

migraine migraine is een aanval van heel erge hoofdpijn; je kunt op dat moment helemaal niets meer doen

motivatie de manier waarop je gebruik maakt van je capaciteiten; je moet je inzetten en ook willen presteren; zie ook: studiehouding en studie-instelling


N

N&G afkorting voor: Natuur & Gezondheid; N&G is een profiel in de tweede fase en gericht op de medische en biologische richtingen, maar ook technische en natuurwetenschappelijke richtingen behoren tot de mogelijkheden. Profiel met verplichte vakken voor HAVO en VWO wiskunde A (of B), biologie en scheikunde

N&T afkorting voor: Natuur & Techniek; N&T is een profiel in de tweede fase en is vooral gericht op exacte studies en techniek. Profiel met verplichte vakken voor HAVO en VWO wiskunde B, natuurkunde en scheikunde.

natuurprofiel profiel dat een combinatie is van de profielen N&T en N&G

natuur & gezondheid zie N&G

natuur & techniek zie N&T

negatieve faalangst spanning die het leveren van een goede prestatie belemmert; zie ook: faalangst en positieve faalangst

netjes je bent netjes of ordelijk wanneer je regelmatig opruimt en geen troep achterlaat; je bergt je spullen op een vaste plaats op; zie ook: ordelijk

numerus fixus studentenstop, die de toelatingskans voor sommige opleidingen beperkt


O

OU afkorting voor: Open Universiteit

ondernemend type persoonstype dat van uitdaging en avontuur houdt; vaak ook initiatiefrijk en prestatiegericht; vergelijk met doetype, sociaal type, ordelijk type, denktype en artistiek type

ongerichte leerstijl leerstijl waarbij je hoofd- en bijzaken vaak niet kunt onderscheiden en moeilijk structuur kunt ontdekken of aanbrengen; ook heb je moeite met plannen en verwacht je meer sturing van de docent

ongeschoold zonder opleiding

open dag speciale dag op een school, waarop je informatie kunt krijgen over wat die school je kan bieden

opleidingsniveau 1 in het algemeen het niveau van onderwijs dat iemand heeft behaald

oproepkracht werkkracht die niet in vaste dienst is, maar bij oproep inzetbaar

ordelijk je bent ordelijk of netjes wanneer je regelmatig opruimt en geen troep achterlaat; je bergt je spullen op een vaste plaats op; zie ook: ordelijk type en netjes

ordelijk type persoonstype dat van orde en regelmaat houdt en graag planmatig werkt; vergelijk met doetype, sociaal type, ondernemend type, denktype en artistiek type

organigram schema met een overzicht van de afdelingen van een organisatie of bedrijf met hun verhouding tot elkaar

organisator je bent een organisator wanneer je vaak het initiatief neemt om iets te organiseren, omdat je dat leuk vindt en dat ook goed kunt; het is een eigenschap die goed van pas komt bij allerlei leidinggevende en organisatorische beroepen

orienatietraject de informatie die een opleiding je op een speciale manier aanbiedt; hierdoor ben je beter in staat een goede afweging te maken om die opleiding wel of niet te volgen

orienteren fase bij het kiezen van opleiding of beroep; je kijkt rond, je vraagt je af wat er te koop is; je vraagt je af wat je eigenlijk wilt; je snuffelt vrijblijvend aan een aantal mogelijkheden; na oriënteren volgt informeren en reflecteren; zie ook: verkennen en verdiepen

oriëntatie op studie en beroep goed nadenken over wat je moet weten voordat je een keuze maakt over een opleiding of beroep


P

PGO een vorm van onderwijs in het hoger onderwijs, waarbij je in groepjes aan een probleemstelling werkt

periode tijdseenheid waarin het studiejaar is ingedeeld; aan 't eind van een periode krijg je een tentamen

persoonlijke kwaliteit de eigenschappen, vaardigheden of kenmerken van iemand

persoonstype kenmerk dat bij iemand past en invloed heeft op iemands gedrag; bijvoorbeeld doetype, sociaal type, ordelijk type, ondernemend type, denktype, en artistiek type; het persoonstype geeft globaal aan welke richting je kunt gaan bij de keuze van een profiel

positieve faalangst spanning die nodig is om een goede prestatie te leveren; zie faalangst en negatieve faalangst

plannen plannen is een opzet maken die aangeeft hoe je te werk wil gaan, bijvoorbeeld welke stappen achter elkaar komen

practicum onderwijsvorm die vooral voorkomt in de medische-, natuur- en exacte studies; je leert praktische onderzoeksvaardigheden en hoe je de resultaten verwerkt met een computer

praktische sectororiëntatie een programma op het VMBO, waarin je kennismaakt met de verschillende beroepsrichtingen die er op jouw school zijn.

precies je bent precies wanneer je goed op details let en alles nauwkeurig doet; foutjes vallen je snel op

probleemgestuurd onderwijs (PGO) onderwijsvorm, waarbij je in een groep studenten samen en zelfstandig concrete problemen uit de beroepspraktijk oplost; je gaat vervolgens de stof die je geleerd hebt bij de verschillende vakken toepassen op het probleem

productontwikkeling afdeling die zich bezig houdt met het verbeteren en vernieuwen van het product van een bedrijf

profiel HAVO/VWO naast verplichte vakken in de bovenbouw van de HAVO of VWO kies je een profiel of een combinatie van twee profielen; elk profiel ken een verplicht deel en een gedeelte met een vrije keus uit het aanbod van de school; er zijn vier profielen: cultuur & maatschappij, economie & maatschappij, natuur & gezondheid, natuur & techniek; een bepaald profiel geeft toelating tot bepaalde opleidingen

profiel VMBO VMBO in het VMBO onderscheiden we 10 profielen; het zijn beroepsrichtingen waaruit je kunt kiezen, afhankelijk van het aanbod van jouw school;

profielcluster een combinatie van twee profielen op HAVO en VWO

profieldeel HAVO/VWO (verplicht) deel van een profiel dat recht geeft op een brede groep vervolgopleidingen; zie ook gemeenschappelijk deel en vrije deel

profielkeuze de keuze die je maakt voor een bepaald profiel, waarbij je aandacht besteedt aan aspecten als belangstelling, studie-instelling, studiecapaciteit, kwaliteit, sectoren en profielen, opleidingen en beroepen

profit-sector een verzamelnaam voor bedrijven en organisaties die het streven naar winst als eerste doel hebben; zie ook: commerciële dienstverlening

propedeuse het eerste jaar van een HBO-opleiding en een universitaire opleiding


Q
R

Radboud universiteit dit is de universiteit van Nijmegen

ROC afkorting voor: Regionaal Opleidingscentrum; school met opleidingen op MBO-niveau

RUG afkorting voor: Rijksuniversiteit van Groningen

reflecteren fase bij het kiezen van opleiding of beroep; wat betekenen de antwoorden die je tijdens het informeren hebt verzameld voor jou; je gaat na of die informatie past bij het beeld wat je van jezelf hebt; aan reflecteren gaat oriënteren en informeren vooraf

reproductiegerichte leerstijl leerstijl die is gericht op het opnemen van kennis, waarbij je vooral het resultaat (rapportcijfer) belangrijk vindt

rugklachten je spreekt van rugklachten wanneer je vaak en snel pijn in je rug krijgt; dat kan bijvoorbeeld nadat je veel hebt moet sjouwen, bukken of knielen

rustig je bent rustig als je je niet snel druk maakt; als je niet haastig of zenuwachtig bent; in gezelschap val je niet op en je houdt je een beetje op de achtergrond


S

SLU afkorting voor: studielasturen; dat zijn in het HAVO en het VWO de uren die per vak aangeven hoeveel uren per jaar de leerling aan dat vak moet besteden

samenhang verband tussen bepaalde vakken

samenwerken je kunt goed samenwerken wanneer je in een groep een belangrijke bijdrage kunt leveren aan het gezamenlijke resultaat

schooltype het soort school dat gevolgd wordt, bijvoorbeeld VMBO, HAVO of VWO

selectiecommissie commissie op een school die studenten die zich hebben aangemeld wel of niet toelaten

selectieprocedure sommige opleidingen beperken de toelating doordat ze een selectie toepassen uit het studentenaanbod; die selectie kan plaatsvinden door een gesprek, een test, het tonen van eigen werk of een combinatie hiervan

semester periode in een studiejaar die 6 maanden omvat

slechthorendheid wanneer je slechthorend bent, ben je min of meer doof; een gehoorapparaat kan een oplossing bieden

slechtziendheid wanneer je slechtziend bent, ben je min of meer blind; je draagt meestal een heel sterke bril of contactlenzen

sociaal type persoonstype dat goed kan opschieten met anderen en bij wie anderen gemakkelijk hun hart uitstorten; vergelijk met doetype, ordelijk type, ondernemend type, denktype en artistiek type

sociale vaardigheden bekwaamheid om met anderen samen te werken, bijvoorbeeld contacten leggen, luisteren, praten, conflicten oplossen

solliciteren jezelf mondeling of schriftelijk aanprijzen, meestal met de bedoeling een baan te krijgen; je kunt ook solliciteren om te worden toegelaten tot een opleiding

specialisatie keuzemogelijkheid tot verdieping binnen bepaalde studierichting

specialistenopleiding opleidingsniveau binnen het MBO; zie ook: assistentenopleiding, basisberoepsopleiding, vakopleiding en middenkaderopleiding

spontaan je bent spontaan als je vaak zonder al te veel nadenken uit jezelf met iets komt of iets zegt in een groep; het is een eigenschap die je goed kunt gebruiken als je een beroep kiest met veel contacten met anderen

stage in een stage doe je kennis op van de praktijk; je loopt stage bij een bedrijf of instelling

stereotype (vaak vastgeroest) idee dat bestaat over iets of iemand; berust vaak op een vooroordeel; bijvoorbeeld: 'dat beroep is niets voor een meisje'; zie ook: beroepsbeeld

sterke rug je hebt een sterke rug wanneer je geen rugklachten hebt, ook niet na veel sjouwen of bukken

struikelvak vak waar je minder goed in bent maar waar je gezien de samenstelling van je pakket niet onderuit kunt

studentgeoriënteerd onderwijs onderwijs dat zich richt op het zo goed mogelijk begeleiden van de student

studiebeurs 1 som geld van de overheid om studiekosten te betalen

studiecapaciteit geschiktheid om een bepaalde studie of een bepaald vak met succes te volgen; beschik je over de juiste kwaliteiten (eigenschappen en kenmerken)

studiefinanciering hoger onderwijs sinds 2015 bestaat dit uit 4 onderdelen: een lening, een studentenreisproduct, een aanvullende beurs en collegegeldkrediet. Lening, reisproduct en collegegeldkrediet zijn er voor iedereen;de aanvullende beurs is afhankelijk van het inkomen van de ouders; zie voor verdere informatie www.duo.nl

studiefinanciering MBO studiefinanciering MBO bestaat uit 4 onderdelen: een basisbeurs, een aanvullende beurs, een lening en een studentenreisproduct; de basisbeurs en het studentenreisproduct zijn er voor iedereen, die aan de voorwaarden voldoet. Een aanvullende beurs en een lening moeten extra worden aangevraagd; zie voor verdere informatie www.duo.nl

studiehouding de manier waarop je studeert; je moet je concentreren, regelmatig huiswerk maken en het zelfvertrouwen hebben dat je het kunt; ook je studiezin hoort daarbij

studie-instelling vergelijk: studiehouding; je instelling gaat vooraf aan je houding en is een belangrijke factor bij je keuze van studie en beroep

studiekwaliteit zie: studiecapaciteit

studielast een in studiepunten uitgedrukte omvang van een studie, inclusief bijvoorbeeld college, practicum, stage e.d. De studiepunten worden uitgedrukt in het Europese studiepunten systeem (ECTS). Een studiejaar omvat 60 ECTS.

studielasttabel overzicht waarin wordt aangegeven hoe de studielast over de verschillende onderdelen van het studieprogramma is verdeeld

studielasturen de studie-uren die je voor een bepaald onderdeel moet halen

studiepunt drukt de studielast uit van de verschillende vakken binnen het vakkenpakket

studierendement de verhouding tussen je inzet voor de studie en het resultaat dat je behaalt

studieresultaat uiteindelijk rapportcijfer

studievaardigheden hiermee wordt bedoeld: je capaciteiten (studiecapaciteit) voor de verschillende vakken, je studie-instelling en je vaardigheden om goed te plannen

studieweek een studiejaar heeft 42 studieweken


T

TUD afkorting voor: Technische Universiteit Delft

TUE afkorting voor: Technische Universiteit Eindhoven

tactvol je bent tactvol als je iets tegen een ander kunt zeggen wat voor die ander niet zo leuk is, op een manier die de ander in zijn waarde laat; dat is in heel veel beroepen erg belangrijk, maar vooral voor beroepen waarin je veel met mensen te maken hebt

talent kwaliteiten die iemand van nature heeft, bijvoorbeeld muzikaal talent; talent is eigenlijk een uitzonderlijke capaciteit

techniek sector in het VMBO en MBO waarbij de nadruk ligt op technische vakken; belangrijke vakken in het MBO zijn: wiskunde, natuurkunde

tegen verlies kunnen je kunt tegen je verlies waneer je een nederlaag in een wedstrijd sportief accepteert; zo moet je in de handel bijvoorbeeld een teleurstelling kunt verwerken als je een bepaalde opdracht naar een concurrent ziet gaan; zie ook incasseringsvermogen

tentamen toetsmoment tijdens het schooljaar, dat voorafgaat aan het examen

theoretische leerweg een theoretische opleiding binnen het VMBO waarmee leerlingen kunnen doorstuderen op het HAVO; zie ook: gemengde leerweg, kaderberoepsgerichte leerweg en basisberoepsgerichte leerweg

toelating als je aan een opleiding mag beginnen, spreekt men van toelating

toelatingseisen eisen waaraan je moet voldoen om te worden toegelaten tot een opleiding

toelatingsvoorwaarden voorwaarden waaraan je moet voldoen om te worden toegelaten tot een opleiding

toepassen iets dat je geleerd hebt in de praktijk uitvoeren

toepassingsgerichte leerstijl leerstijl die gericht is op het toepassen van het geleerde in de praktijk

tussenjaar sommige leerlingen kiezen ervoor om na het eindexamen niet meteen door te studeren; ze nemen als het ware een time-out, die kan bestaan uit bijvoorbeeld werken in het buitenland of het volgen van een talencursus

tweede fase de schoolperiode na de basisvorming in het HAVO of VWO; kenmerkt zich in de nieuwe opzet door verplichte vakken en keuze van een profiel


U

UM afkorting voor: Universiteit van Maastricht

UU afkorting voor: Universiteit Utrecht

UT afkorting voor: Universiteit Twente

UVA afkorting voor: Universiteit van Amsterdam

UVT afkorting voor de universiteit van Tilburg

universiteit instelling waar je wetenschappelijk onderwijs kunt volgen

Unimaas afkorting voor de universiteit van Maastricht


V

VMBO afkorting voor: Voorbereidend Middelbaar Beroeps Onderwijs

VU afkorting voor: Vrije Universiteit van Amsterdam

VWO afkorting voor: Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs

vaardigheden capaciteiten en talenten die je hebt of hebt ontwikkeld, zoals bijvoorbeeld handig zijn met computers, goed kunnen rekenen of tekenen

vakantiecursus cursus die je tijdens je vakantie kunt volgen op bepaalde school

vakdocent docent die een bepaald vak geeft; je kunt hem vragen stellen over je capaciteiten voor dat vak, ook in het kader van een vervolgopleiding waarin dat vak een rol speelt

vakkenpakket keuze uit vakken, waarmee je richting geeft aan waarin je wilt gaan doorleren

vakopleiding opleidingsniveau binnen het MBO; zie ook: assistentenopleiding, basisberoepsopleiding, middenkaderopleiding en specialistenopleiding

veel tegelijk doen als je veel tegelijk kunt doen ben je iemand die verschillende taken naast elkaar kan doen, niet in paniek raakt en alles goed blijft overzien

verdiepen beter kijken naar de inhoud van de opleidingen die jouw voorkeur hebben, om definitief een keuze te kunnen maken; zie ook: verkennen en orienteren

verkennen informatie opzoeken over opleidingen waarvoor je belangstelling hebt; zie ook: oriënteren en verdiepen

vervolgopleiding opleiding na de HAVO, het VWO of het VMBO

vervolgvragen vragen die je tijdens een interview stelt na het antwoord op een hoofdvraag; zie ook: hoofdvragen

verzorgd uiterlijk je hebt een verzorgd uiterlijk als je netjes, gewassen en gekapt bent en altijd schone kleren aanhebt; dit kenmerk is vooral van belang bij beroepen waarin je met klanten te maken hebt, tenslotte ben je het visitekaartje van het bedrijf waarvoor je werkt; denk aan beroepen in de horeca of in de handel

vlotte prater je bent een vlotte prater wanneer je in contact met anderen veel praat en makkelijk kunt zeggen wat je bedoelt

voltijd hiermee wordt een volledige werkweek bedoeld; zie ook deeltijd

vooropleidingseisen eisen die aan je profiel worden gesteld wil je toelating hebben tot een bepaalde HBO opleiding of universiteit.

vormingsjaar de keuze om na het eindexamen een studieloos jaar in Nederland door te brengen in de vorm van een soort time-out, waarin je persoonlijke ontwikkeling centraal staat

vrije deel deel van een profiel dat je naar eigen wens kunt invullen uit het aanbod van vakken; zie ook gemeenschappelijk deel en profieldeel

vrije ruimte ruimte binnen profiel die je zelf mag invullen; zie ook: vrije deel

vrije tijd de tijd die overblijft buiten eten, slapen, studeren en werken


W

Wageningen universiteit dit is de landbouwuniversiteit

WO afkorting voor: Wetenschappelijk Onderwijs; wordt gegeven aan universiteiten

waarden zaken die je voor langere tijd belangrijk vindt en die wat dieper liggen, bijvoorbeeld de zorg voor het milieu

werkcollege onderwijsvorm in het hoger onderwijs, waarbij de docent via praktische opdrachten de leerstof uitlegt aan een groep ter grootte van een klas; vergelijk met: hoorcollege

werkgelegenheid mogelijkheid tot het vinden van een baan met de opleiding die je volgt

werkgroep in een werkgroep wordt een actieve bijdrage van je verwacht; je maakt een werkstuk of houdt een voordracht; je verdiept je samen met je docent en je medestudenten in een bepaald onderwerp

werkomstandigheden de manier waarop en de omgeving waarin je werkt; belangrijk om rekening te houding bij je studie- en beroepskeuze

werktaak onderdeel van beroep of omschrijving van het beroep zelf, bijvoorbeeld: literatuuronderzoek doen

werkwaarden randvoorwaarden die, naast belangstelling en capaciteiten, een rol kunnen spelen bij de keuze van een baan; een voorbeeld is het opnemen van zorgtaken

woordblind wanneer je woordblind bent, kun je wel de letters lezen maar begrijp je de betekenis van het woord niet, je leest andere woorden dan er staan; bij het schrijven verwissel je de letters; iemand die woordblind is, heeft moeite met lezen en schrijven; dyslectisch is hetzelfde als woordblind


X
Y
Z

zakelijk je bent zakelijk als je goed in de gaten houdt wat een bepaalde handeling van jou je aan resultaat oplevert, meestal is dat geld; het is een eigenschap die je vooral van pas komt bij beroepen in de handel, horeca en toerisme

zelfanalyse jezelf beter leren kennen, zodat je in het oerwoud aan opleidingen beter je koers kunt uitzetten

zelfkritiek je kunt jezelf goed beoordelen en bijvoorbeeld toegeven dat je bepaalde dingen niet zo goed doet

zelfstandig je bent zelfstandig wanneer je jezelf zonder de hulp van anderen goed kunt redden; zie ook: zelfstandig werken

zelfstandig werken het uitvoeren van studietaken op eigen initiatief; zie ook: zelfstandig

zelfstudie onderwijsvorm waarbij je zelfstandig een of meerdere studietaken uitvoert

zelfvertrouwen vertrouwen in jezelf, dat je iets aankunt; zie ook zelfverzekerd

zelfverzekerd je bent zelfverzekerd wanneer je niet alleen doet of je je zeker voelt, maar het ook werkelijk bent; je hebt zelfvertrouwen en dat is te merken; deze eigenschap is voor alle beroepen van belang; zie ook zelfvertrouwen

zorg en welzijn sector in het VMBO en MBO, waarbij de nadruk ligt op verzorgende beroepen; belangrijke vakken in het MBO zijn: biologie en verzorging en (bij sommige opleidingen) natuurkunde/scheikunde

Copyright © 2005-2017 Koerswijzer. - All Rights Reserved. | Webdesign : Studio L.E.O. | Techniek & Realisatie : NMTrix.com